Home / Tag Archives: Alle-Regiobode (page 2)

Tag Archives: Alle-Regiobode

Zoektocht naar Gelders Dorpshuis van het Jaar

REGIO – Omroep Gelderland gaat op zoek naar het Dorpshuis van het Jaar 2020. Welk dorpshuis is hét bruisend hart van het dorp? Net al voorgaande jaren strijden zes dorpshuizen om deze titel. Aanmelden is nu mogelijk.

Angelique Krüger doet voor Omroep Gelderland wederom verslag van de wedstrijd en gaat langs bij de zes finalisten. Tijdens zeven afleveringen, die in het najaar van 2020 worden uitgezonden, gaan de genomineerden de strijd met elkaar aan. De zes finalisten krijgen allemaal 750 euro. Het winnende dorpshuis krijgt daarbovenop nog 2.500 euro én de titel Dorpshuis van het jaar 2020.
Maar voor het zover is, kunnen alle dorpshuizen in Gelderland zich allereerst aanmelden voor de verkiezing. Een deskundige jury zal de aanmeldingen behandelen en zes finalisten kiezen. Sinds 14 april is het mogelijk om dorpshuizen aan te melden voor de verkiezing. De wedstrijd mag dan Dorpshuis van het Jaar heten, maar alle ontmoetingsplekken in Gelderland kunnen zich aanmelden. Aanmelden is mogelijk tot 1 juni en kan gemakkelijk via www.dorpshuisvanhetjaar.nl/aanmelden.

Voor de verkiezing wordt gezocht naar dé plek in een dorp of wijk in Gelderland waar mensen elkaar ontmoeten. Een plek voor en door inwoners. Ook dit jaar zijn er hoofdthema’s waarop de finalisten beoordeeld worden. Zo staat het thema ‘samendoen’ centraal in 2020. Dit kan over van alles gaan. Over verbindingen tussen jong en oud, verbindingen met minderheden of misschien heeft het dorpshuis wel een buurtmoestuin waar ook de voedselbank gebruik van mag maken? Elke manier van verbinden die vernieuwend is, kan een aanknopingspunt zijn om de interesse van de jury te wekken. Daarnaast wordt in 2020 ook de toegankelijkheid van een dorpshuis meegenomen in de beoordeling. Hoe toegankelijk is het dorpshuis voor mensen met een beperking? Bij een beperking kan het gaan om een fysieke, mentale, intellectuele of zintuigelijke beperking. Jan Troost zal als expert een bezoek brengen aan alle zes finalisten.

www.dorpshuisvanhetjaar.nl

Ik vind: Samen komen wij er wel door

In deze tijd van thuisblijven kun je van alles organiseren. Wel moet er nog een oplossing gezocht worden voor bezoek aan de verpleeghuizen. Eenzaam zijn is niet fijn! Voor de rest: ontvang de krant en lees, luister naar de radio, kijk televisie, maak een puzzel, leg een kaartje, pak een boek of praat, indien mogelijk, met je partner of op het balkon/galerij met je buren. Een mooie documentaire of een door jou opgenomen film opstarten kan ook. Ga eens een wandelingetje maken. Toon wat interesse in politiek, het dagelijkse nieuws, de discussies op tv, kijk of doe sport. Er valt nog dagelijks nieuws in de brievenbus.
Ik begrijp dan ook niet dat sommigen kunnen zeggen: Oh ja? Daar wist ik niks van! Onder welke tegel heb je dan gelegen? Bedenk ook dat wij een leven hebben opgebouwd waarbij alle Nederlanders én medelanders nodig waren.
Een landelijk ochtendblad meldde op 23 april in chocoladeletters op de voorpagina: Misdaadpiek asielzoekers. In dit geval had de kop ook kunnen zijn: Asielzoekers redden mensenlevens, met daaronder gehangen een positief verhaal over asielzoekers in de wereldomvattende coronacrisis. Kijk hiervoor naar tv-momenten waar dagelijks de stand van zaken aangaande dat virus wordt besproken. Wij zien dan allerlei ‘logen’, verpleegkundigen, artsen, ambulance- en schoonmaakpersoneel van niet-Nederlandse afkomst. Zij voeren voor ons ook de strijd tegen dat vervloekte virus en staan daarmee stevig in de frontlinie. Dan gaat het volgens mij niet aan dat een krant in deze crisistijd een kop levert die een negatieve uitwerking kán hebben op de maatschappij.
Dat geldt tevens voor iemand die het presteerde om in woord en beeld uit te roepen dat wij de economie op het spel zetten voor het leven van te dikke mensen of bejaarden van in de tachtig. Hoever wil/kan/mag je gaan? In mijn gedachten zet ik de volksgezondheid op de eerste plaats, met direct daarna de post economie. Sámen kunnen wij deze crisis aan. Oh ja, en vergeet niet lokaal in te kopen.

Bruno de Vries,
Eerbeek

Retrospectief: Loenense pastorie geschenk van kasteelvrouw

Bij de Hervormde kerk in Loenen stond in 1910 een pastorie die in slechte staat verkeerde. Het bouwsel werd bewoond door dominee Bolwerk en zijn gezin. Er werd door de Kerkeraad een vergadering belegd om het gebouw te restaureren. Dit ging 3000 gulden kosten. Dit was voor die tijd een aanzienlijke bedrag: per uur verdiende men toen slechts 20 cent.
Er moest echter snel wat gebeuren. Het bleek een groot probleem te zijn om aan het geld te komen. Iemand opperde het idee om bij de Barones Van Lijnden van kasteel Ter Horst aan te kloppen om een lening te vragen. De Kerkeraadsleden deden bij de barones hun verhaal. Het maakte op haar veel indruk. Op 9 november kreeg de Kerkeraad een mooi bericht van mevrouw Van Lijnden. Zij schonk geen 3000 gulden maar 10.000 gulden om een geheel nieuw pastorie te bouwen. Dit ter nagedachtenis aan haar overleden man.
Groot was de vreugde in Loenen en snel werd er tot handelen overgegaan. De Kerkeraad schakelde de Apeldoornse architect Wijn in om samen met aannemer Jochems het bouwplan op te stellen. Tevens werd er besloten om naast de pastorie nog een zaaltje te bouwen voor het geven van catechisatie en voor het houden van kerkelijke vergaderingen.
De oude pastorie werd afgebroken. De restanten hout en steen brachten bij publieke inschrijving 915.25 gulden op. De bouw van de pastorie begon in 1911. Een gedenksteen in de voorgevel vermeldt het opschrift: ‘Ter nagedachtenis aan mr. Robert Melvil Baron van Lijnden. Overleden 27 april 1910 werd deze pastorie aan de Herv, Gemeente te Loenen ter geschenke aangeboden door zijn echtgenoot. Ao 1911. Hebr. 11 vs.10.’
Mevrouw van Lijnden heeft in haar leven veel voor Loenen gedaan. Ze kreeg vooral bekendheid vanwege de schenkingen op christelijke feestdagen.
De Hervormde pastorie werd later nog uitgebreid met het Jeugdhuis.
Na dominee Bolwerk heeft nog een aantal predikanten het riante huis bewoond. De laatste predikant was Hans van Driel met zijn gezin. Hij ging bij zijn emeritaat elders in het dorp wonen. Zijn opvolger, Marcel Oostenbrink, ging niet op de eeuwenoude pastorie wonen. De 110 jaar oude pastorie staat al een paar jaar leeg. De Kerkeraad is bezig om de pastorie en jeugdhuis verkopen. De nieuwe eigenaar bepaalt wat er mee gaat gebeuren.

Een Stief Kwartiertje: Meander

Er zijn mensen die tijdens hun leven de wens koesteren om ooit in de geschiedenisboeken terecht te komen, uiteraard vanwege een zeer bijzondere verdienste. Die wens is eigenlijk een illusie, dat weten ze zelf ook maar al te goed, net zo goed dat ze beseffen dat het een illusie zal blijven.
Maar er is hoop. Hoop is de overtreffende trap van illusie en het is bijna onvoorstelbaar, haast illusoir, dat het voor Rhedenaren mogelijk is nog dit jaar in een geschiedenisboek terecht te komen voor het schamele bedrag van 100 euro. U kunt figureren in het stripboek over de geschiedenis van de gemeente Rheden, dat eind dit jaar verschijnt. Nog belangrijker dan die paar centen is het gegeven dat u er geen heldendaad voor hoeft te hebben verricht. Een heldendaad mag natuurlijk wel, maar die 100 euro is belangrijker. Figureren betekent dat u een rol mag spelen in het boek. Het kan ook een bijrol zijn. Wellicht kunt u met een extra donatie een heldenrol toegedicht krijgen.

In het stripboek kunnen 25 Rhedenaren vernoemd worden. Het boek begint bij de gletsjers in de voorlaatste ijstijd, het Saliën, die vanuit Noord-Europa, alles voor zich uitschuivend, zuidelijk trokken en torenhoge heuvels vormden o.a. de Veluwe stuwwallen. Dat is zo’n 150.000 tot 200.00 jaar geleden; het kan dus een dik boek worden. In de beschreven geschiedenis gaat het over het onsterfelijke boswezen Meander en met een beetje fantasie is het mogelijk dat u in het leven, dat zich toen in het IJsseldal afspeelde, een hele verre voorouder herkent in een hagedis die tegen de stuwwal opklautert waar nu het gemeentehuis staat. Er was toen weliswaar nog geen bos, maar dat verhindert Meander niet zich boswezen te noemen en een relatie aan te gaan met uw verre voorouder. Of voor voorouders een extra bedrag wordt verwacht is mij niet duidelijk.

Maar u hoeft niet zo ver terug te gaan. Een paar jaar geleden heeft u wellicht meegedaan in het speelse gevecht met de Franse strijdkrachten bij Rhedenoord en al heeft u daarbij geen heldenrol gespeeld dan is het toch mogelijk om in het stripboek terecht te komen wanneer u toen tijdens de hevige gevechten de beeldschone Meander door de vijandelijke linies naar de Onzalige bossen heeft geleid en waarvoor Meander u op allerlei manieren rijkelijk beloond heeft; sindsdien noemt u de onzalige bossen zalig. Het is overigens niet duidelijk tot welk geslacht Meander behoort. Dat zou een reden kunnen zijn dat aan stadhouder Willem III ook een bepaalde rol wordt toegekend in het stripboek. Zoals u uiteraard nog weet uit de geschiedenisboeken van school is Willem III nog een tijdje de baas geweest over Gelre. Rond 1680 heeft Willem het Hof te Dieren tot zijn favoriete jachtslot verbouwd en vanwege zijn vermeende homoseksualiteit is nog steeds onduidelijk waarop zoal gejaagd werd; dat wild daarbij een rol speelde is duidelijk, alleen niet of zich dat in letterlijke of figuurlijke zin heeft afgespeeld. Maar wanneer u uitverkoren wordt in het boek te figureren met Willem dan heeft u misschien daar zelf ook iets over in te brengen, tegen meerkosten wellicht.

U moet gewoon in sprookjes geloven, een lofzang zingen op onze omgeving, een levendige fantasie hebben en een paar centen overhebben voor vernoeming. Wanneer u niet in een stripboek maar in een echt geschiedenisboek wilt terechtkomen, dan moet u een vaccin uitvinden tegen een virus dat zeker in de geschiedenisboeken komt en dan samen met eeuwige roem voor u. Maar ja, ook dat zal wel een illusie blijven.

Desiderius Antidotum

Collecteweek Longfonds

REGIO – Van 11 tot en met 16 mei is de collecte van het Longfonds. Dit keer gebeurt dit niet langs de deuren, maar online. Het Longfonds zet zich in voor de 1,2 miljoen mensen in Nederland met een longziekte. Nieuw aandachtspunt is de longschade die achterblijft na een corona-infectie. De opbrengst van de collecte wordt voornamelijk gebruikt voor onderzoek. Een donatie doen kan via www.longfonds.nl.

Rick Evers: Ruttes schuld

Geen sportscholen voorlopig dus. En daar balen ze van. Sterker nog, ze zijn woest. Op Rutte. Omdat ze weggezet worden als vieze, zweterige stinkhokken vol met bacteriën. En ik baal met ze mee. Als mijn verkering straks uitgaat, is het Ruttes schuld.

God, wat zag ik er goed uit voordat de coronapandemie losbarstte. Gespierde kuiten, een beginnende sixpack en borstspieren die ik, net als Dries Roelvink, onafhankelijk van elkaar kon bewegen. Het resultaat van vier keer per week naar de sportschool. Hij ligt op de route van werk naar huis, dus gunstiger kan niet. Ik fiets er langs en dan roept de sportschool mij: ‘kom hier Rick, kom aan je lichaam werken’.

En dat deed ik dus. Handdoekje mee en pompen met die gewichten. Tussen alle twintigjarigen die straks in de zomer weer hun lijf willen showen op het strand, stond ik als 41-jarige man mijn uiterste best te doen. Met iets kleinere gewichten dan de jongens die half zo oud zijn als ik. Dat wel. En ik eet ook geen vijf porties rijst met kip per dag, zoals die jongens doen. Dat niet. Maar toch zag ik resultaat.

En toen de crisis. Gelukkig heb ik een setje dumbells thuis. Ooit als puber op mijn verjaardag gekregen van mijn ouders. Die zagen vast dat ik zetje nodig had om indruk te maken op de meisjes in het dorp. Ze liggen klaar. Met daarbij een matje van foam en een briefje waarop ik per dag kan bijhouden welke spiergroepen ik getraind heb. Ideaal dat thuistrainen. Geen vies zweterig stinkhok vol bacteriën. Lekker veilig!

Sinds eind maart liggen ze er te liggen. De gewichten. Naast het matje en het briefje. Je kunt me onmogelijk verwijten dat ik geen goede wil heb. ‘Morgen begin ik’, ik zeg het elke dag tegen mezelf. Maar inmiddels zijn de borstspieren weg, heb ik dunne beentjes en is mijn sixpack wel erg goed verstopt. Kortom, het ziet er niet uit en ik ben boos. Als mijn vrouw morgen de verkering uitmaakt, is het Ruttes schuld.

Foi, Foi: Vrouw kwiet

Jan en Trees hadden gien auto. Dat was hun veul te duur. Umdat de familie van Jan en Trees nogal var weg woonden was de anschaf van un bromfietse (in die tied) un ideale oplossing. Noe riejt de olderen niet meer op un bromfietse. Misschien nog op un scooter. Ut fietsen met un rappe E-bike, gewoon un elektrische fietse, doet ze noe veul meer.
Jan wol ok veilig riejen en besloat deurumme um goeie degelijke helmen te kopen. Dit was niet alleen verplicht maar ok veul veiliger.
Op un mooie zunnige dag besloaten Jan en Trees heur zus Annie op te zuuken. Ze waren d’r nog niet vake samen d’r op uut ewes, maar Jan wol d’r toch wat meer ervaring mee opdoen. Ja, heur zuster wonen niet noast de deure, wel un uurtje riejen, deurumme goed in epak en de leren jassen d’r bie an. Ja, die kosten ok wel wat, maar toch altied veul veurdeliger dan un auto.
De Zundappbrommer wörden uut de schuure ehaald. De jassen an etrokken en de helmen op ezet. De reis kon beginnen.
Onderweg zei Jan nog un keer tegen zien Trees: “Ziet ie goed?” Maar d’r kwam gien antwoord. Jan heuren niet wat, dat kwam zeker deur ut lawaai en de dichte helm. Noa un tiedjen kwam ut Kanaal in zicht. Hee mos oaversteken en oaver de brugge hen. Hee schrééuwen nog tegen Trees: “Kiek ie noa links dan kiek ik noa rechts of d’r ok verkeer ankump.” Ok noe weer gien antwoord. Dat kump deur die helm, dacht Jan weer, maar vond ut toch wel un bitjen raar. D’r kwam gien verkeer an en Jan stak de kruusing oaver en ut kanaal.
Toen begon hee ut toch wel un bitjen vremp te vinden umdat hee helemoal gien reactie kreeg. Dat leek um niks. Hee gaf gas terugge en stappen af. Toen schrok hee zich un bult. D’r zat niemand achterop. Misschien was Trees d’r wel af evallen zonder dat hee ut emark had? O, wat schrok hee toch. Dat was mien toch ok wat, hoe kon dat noe zo gebeuren? D’r zat veur Jan niet anders op dan umme te dreeien en terugge te riejen richting zien huus. Jan ging terugge en onderweg keek hee of Trees argens in de sloot lag. Ja, dat kon maar zo. “Met vrouwen wist ie nooit”, dach hee. Hoe hee onderweg noa huus ok loeren en loeren, nargens gien vrouw te vinden.
Toen hee bie huus kwam zag hee ut al. Doar stond Trees met leren jas en de helm op. Hellig! Dat ku’j wel noagoan. Ze waren zo an ut heisteren ewes met un paar keer d’r op en d’r afstappen dat hee ut niet emark had dat Trees d’r niet op eklommen was. Alderbastend hellig was zee dat Jan maar zo was weg erejen. Jan zei maar niks meer en zei rustig: “Klim d’r mar achterop.” Maar Trees bleef maar mopperen en mopperen. Ze bint wel veilig an ekommen bie de familie, maar Jan hef dat nog vake motten heuren.

Goed goan,
Martien,
de Platschriever uut Loenen

Hee hef de beste papieren maar de slechtste manieren

Rick Evers: Digitale borrel

‘Wie vindt het leuk om a.s. zaterdag eens even bij te praten? Nu de crisis aanhoudt kan dit helaas niet fysiek, maar we kunnen wel een digitaal biertje met elkaar drinken. Ik dacht vanaf een uurtje of 20.30 uur. Als jullie hier blij van worden, dan verzorg ik een uitnodiging via Teams.’

Een berichtje in de vrienden-appgroep. Normaal gesproken vol met flauwe plaatjes, slechte grappen en foto’s van rokende barbecues, maar daartussen ineens een mooi initiatief van vriendje R. Even leek het nog lastig te worden met reacties als ‘ik weet niet wat Teams is’ en ‘ik heb geen microfoon op mijn laptop’, maar toen het zaterdag half negen was, zaten we zowaar met de voltallige bende van acht achter de computer.

De borrel begon uiteraard met het belachelijk maken van elkaars kapsel. Zo zag vriendje M eruit als een Playmobiel-poppetje en had vriendje J de tondeuse aan zijn elfjarige dochter gegeven. Ach, zolang je amper de deur uitgaat, is er geen man overboord. Na de kapsels kon het gesprek beginnen. ‘Werk jij ook thuis?’, ‘Hoe is het met jouw vrouw?’ en ‘Wanneer denk jij dat de voetbal weer begint?’ bleken favoriete vragen. ‘Ja’, ‘Prima’ en ‘We zien wel’ de favoriete antwoorden.

Het nadeel van Teams is dat er maar vier personen tegelijk in beeld komen. De vier die als laatste aan het woord zijn geweest. Dus toen vriendje J al lopend maar vooral ook zwijgend met zijn laptop een rondleiding door zijn nieuwe huis gaf, hebben we eigenlijk alleen de rommelige eettafel en de kelder met zijn voorraad sterke drank gezien. Daarna werd het beeld vooral gevuld door de vier grootste praatjesmakers.

Het mocht de pret niet drukken. Het was gezellig. Vier ongeknipte gasten in beeld, af en toe een lege stoel omdat er een nieuw koud biertje moest worden gehaald, een kusje voor het kind dat naar bed moest of een zwaai naar de vrouw die ineens in beeld opdook. Het was een borrel waarvan Premier Rutte zou zeggen: trots op jullie mannen, hou vol! En daar sluit ik me van harte bij aan.

Retrospectief: De Steeg loopt uit voor de Tommy’s

In deze laatste bijdrage over de Tweede Wereldoorlog in Retrospectief, keren we terug naar 16 april 1945. Dat is de dag waarop de dorpen van de gemeente Rheden werden bevrijd. Vanuit Arnhem door de Engelse 49ste Polar Bear divisie en vanuit Brummen, waar Canadese troepen van het Loyall Edmonton regiment naar Spankeren optrokken.

Deze foto is in de ochtenduren gemaakt aan de Hoofdstraat in De Steeg. Heel het dorp liep uit, toen de bevrijders het dorp binnen trokken. Via de Diepesteeg rolden de Sherman-tanks van het Canadese Ontario Regiment het dorp binnen. Op hun voertuigen vervoerden ze infanteristen van de Hallamshire en King’s Own Yorkshire bataljons. Die ‘voetsoldaten’ – die overigens zelf ook over brencarriers en halftracks beschikten – hadden de opdracht de dorpen verder te zuiveren, terwijl de tanks over de Veluwezoom verder rolden richting Apeldoorns kanaal in Dieren, om daar contact te maken met de vanuit Zutphen komende Canadezen.

Toen de Engelse infanteristen in De Steeg halt hielden, kregen ze een – zoals ze dat zelf noemden – liberation welcome. Ze deelden chocola en sigaretten uit en de net bevrijdde Nederlanders schudden hen uitbundig de hand of kusten de ‘Tommy’s’ op de wangen. En natuurlijk verdrongen ze zich om de voertuigen van de bevrijders en wilden ze met hen op de foto.

In het boek ‘Sta een ogenblik stil’ noteert auteur Ot Hagen de volgende herinneringen uit het dagboek van de Steegse pastoor Van der Hurk op: ‘Op maandag 16 april, des ‘s morgens te 10 uur, kwamen de eerste Britsche tanks en gevechtswagens langs de Beekhuizerweg en de Diepesteeg hier. De laatste moffen waren daags en ‘s nachts te voren met den stillen trom vertrokken naar de Veluwe, zoodat De Steeg, zonder slag of stoot bevrijd is. Toen de vreemde troepen, die met uitbundige vreugde ontvangen werden, goed en wel hier waren, werd de torenklok geluid en de vlag uit de toren gestoken. Bijna heel de bevolking had zich intusschen bij de kerk verzameld en toen de vlag zich ontplooide, zongen we het Wilhelmus.’