Home / Tag Archives: Alle-Regiobode

Tag Archives: Alle-Regiobode

Een Stief Kwartiertje: Standvastig

Bomen zijn over het algemeen standvastiger dan mensen; logisch zult u zeggen, want ze hebben een hechte binding met de ondergrond, terwijl mensen daarop voornamelijk zwalkend zijn. Bomen bestaan ook al miljoenen jaren langer dan de mens en hebben dan ook meer recht van spreken als het om hun voortbestaan gaat. Ze zijn ook nuttiger dan de mens, omdat ze CO2 uit de lucht halen, terwijl de mens die er juist op grote schaal inblaast. Ze geven bij vroegtijdig overlijden zelfs warmte die via de kachel weliswaar in de atmosfeer terechtkomt, terwijl de mens nog steeds nadenkt hoe de vrijgekomen energie in crematoria gebruikt kan worden voor het bakken van de cake en het hartverwarmend condoleren. Een dode boom zorgt zelfs voor nieuw leven. Kortom, het is een morele plicht om zuinig te zijn op onze bomen en juist daarover gaat nu een heftige discussie in Doesburg. De Doesburgers moeten eerdaags bewijzen dat ze even standvastig zijn als de bomen.

In de wijk Molenvelden van het oude stadje wil men 70 bomen kappen omdat ze in de weg staan en aan het eind van hun boomlatijn zouden zijn. Meestal is het de mens die de boom in de weg staat, want veel bomen stonden er al voordat de mens meende dat haar weg versperd werd.
Sinds de bijl het heeft afgelegd tegen de kettingzaag is de boom zijn leven niet zeker; de kettingzaag moet immers renderen. De laatste tijd is er echter veel gedoe over bomen die in de weg staan. Zo wilden de provincie en gemeenten veel bomen kappen die weliswaar niet daadwerkelijk ín de weg staan, maar in de ogen van beleidsambtenaren met liefde voor besluiten in de geest van de kettingzaag, net iets te dicht náást de weg en dat acht men gevaarlijk, maar de vraag is natuurlijk wie of wat elkaar in de weg zit. De mens acht zich nog altijd verheven boven de boom al is de afstand tot de kruin aanzienlijk.
Ook zouden delen van de Veluwe en haar zoom gekapt worden vanwege de houtopbrengst en om ‘nieuwe natuur’ te creëren. Vaak gaat het kappen gepaard met de belofte dat er weer veel jonge bomen geplant worden; dus per saldo zou er weinig tot niets veranderen, alleen duurt het een jaartje of 30 voordat de omgeving weer enigszins op die van de oude staat lijkt. Daar komt nog bij dat de mens de bomen vaak niet toestaan om zichzelf voort te planten.

Maar na deze lange omweg terug naar Doesburg. De linkse rakkers in de gemeenteraad vinden dat de wijk Molenvelden grijs is in plaats van groen en dat de bomen derhalve moeten blijven staan en sterker nog, met andere soortgenoten moeten worden uitgebreid. Bomen houden immers van een multiraciale samenleving. De gemeenteraadsleden vinden ook dat de bomen een welkome bijdrage leveren aan de sfeer van de wijk, die waarschijnlijk in de komende tijd door de nieuwe stadsdichter en de nieuwe stadsfotograaf voor de eeuwigheid worden vastgelegd. Ook is duidelijk dat er nog veel extra bomen geplant moeten worden om de doelstellingen van een CO2-neutraal Doesburg te behalen.
De Molenvelders mogen eerdaags zelf vertellen wat ze ervan vinden. Dat is aan de late kant natuurlijk, maar het leerproces van bestuurders om mensen eerder bij plannen te betrekken voltrekt zich nu eenmaal met de snelheid van het groeiproces van een Hollandse eik.

Als de Molenvelders en de bomen standvastig blijven dan kunnen ze niet om elkaar heen. En de gemeenteraad ook niet.

Desiderius Antidotum

Rick Evers: Een rustige jaarwisseling

Vlak bij ons huis is een weilandje en daarin staat een pony. Dickie heet-ie. Dickie is een grappig beestje. Hij kent me inmiddels een beetje, want als ik langsfiets, komt hij in draf naar het hek. Meestal heb ik namelijk twee wortels voor hem in mijn fietstas. Als hij de groenten achter de kiezen heeft, fiets ik weg en blijft Dickie me net zo lang nakijken totdat ik uit het zicht ben.

Deze week zag ik Dickie weer voor het eerst sinds weken. Ik had hem gemist. Vanwege het vuurwerk bivakkeerde hij lange tijd op stal. Dickie is geen vuurwerkliefhebber en heeft de pech dat zijn weiland aan een doorgaande weg grenst. Leuk joh, vuurwerk gooien in een paardenwei en kijken hoe zo’n beest reageert. Net zoals een rotje afsteken als iemand de hond uitlaat, ook lachen.

En waarom niet gewoon naar mensen gooien. Politieagenten, brandweerlieden, die kunnen wel tegen een stootje toch? Of laten we brievenbussen in brand steken, of auto’s. En hoe mooi zou het zijn als we van pallets een gigantisch hoge brandstapel kunnen maken. Laat die vonkenregen maar komen. Rond Oud & Nieuw mag alles. We hebben schijt aan hulpverleners, aan veiligheid, aan andermans spullen en aan dieren. Het is tenslotte feest.

Het was vorige week een rustige jaarwisseling. Volgens de autoriteiten. Een vader en zijn zoontje kwamen om in een lift, 1300 (!!) mensen raakten gewond, er gingen 64 auto’s in vlammen op, er waren vechtpartijen met hulpverleners en de totale schade loopt in de miljoenen. Rustig dus. Hoort erbij. Is allemaal ingecalculeerd. Het was immers Oud & Nieuw. Wanneer we in Nederland ieder jaar helemaal van god los gaan.

Toen ik 15 was vond ik in december bijna niets belangrijker dan vuurwerk. Maar dat was toen. Wat mij betreft wordt het inmiddels tijd om na Sinterklaas opnieuw een feest te veranderen. Per direct afschaffen dat vuurwerk en handhaven met torenhoge boetes. Anders hebben we volgend jaar weer een ‘rustige’ jaarwisseling. En daar zit niemand op te wachten. En Dickie al helemaal niet.

Organisatie Jan Mankes-jaar vraagt hulp

EERBEEK – In 2020 is het honderd jaar geleden dat kunstenaar Jan Mankes overleed in Eerbeek. Reden om volgend jaar uitgebreid stil te staan bij het werk van deze grote schilder, die in Eerbeek nog verrassend onbekend is. Mankes leefde de laatste jaren van zijn leven in het papierdorp.
Komend jaar staan er allerlei activiteiten rondom de schilder op het programma. Zo leveren landelijk bekende kunstenaars een bijdrage aan een expositie op Huis te Eerbeek, die op 26 april wordt geopend. Na de zomer komt er een tentoonstelling met werk van amateurkunstenaars, eerst in de Kruiskerk, later in de etalages van ondernemers in het dorp. Er komt een lezingenserie en er wordt een film gemaakt over het leven en werk van Jan Mankes. Voor deze film is de organiserende Stichting 100 Jaar Jan Mankes nog op zoek naar verhalen over de schilder. Wie nog verhalen, foto’s, brieven, of anekdotes heeft over Jan Mankes, zijn werk of zijn leven wordt uitgenodigd deze in te sturen via janmankes-100jr@hotmail.com.

www.100jaarjanmankes.nl

Kaarten bij ‘t Anker

EERBEEK – Zaterdag 18 januari is er weer een speelavond van kaartclub ‘t Anker in Eerbeek. Er wordt vanaf 14.00 uur geklaverjast en gejokerd in het gebouw van de duivensport aan de Händelstraat in Eerbeek.

Werkgroep Red Gelderland start petitie: Alle Gelderse Natura 2000-gebieden moeten blijven

REGIO – Het gaat slecht met de natuur in Gelderland, ook met vele van de vijftien Natura 2000-gebieden, zegt de Werkgroep Red Gelderland. De werkgroep is een petitie gestart om de provincie te vragen voor de natuurgebieden te zorgen.

De Raad van State heeft niet voor niets een streep gehaald door de sjoemelwet PAS (Programmatische Aanpak Stikstof), zegt de Werkgroep. De Natura 2000-gebieden moeten beter worden beschermd en versterkt. Dat vindt het provinciebestuur van Gelderland niet; voor Gedeputeerde Staten rust er geen taboe op het opheffen van deze Europese beschermde status op een aantal gebieden. Daarom is de Werkgroep Red Gelderland een petitie gestart: ‘Alle Gelderse Natura 2000-gebieden moeten blijven’.

De Werkgroep Red Gelderland: “De Gelderse natuur is van onschatbare waarde voor heel Nederland. In Gelderland liggen vijftien Natura 2000-gebieden, waarvan de Veluwe het bekendst is. Het bestuur van de Provincie Gelderland mag geen Natura 2000-gebieden opgeven, maar moet zich juist inspannen voor het behoud en de verbetering ervan. Daartoe roept Red Gelderland op in de petitie ‘Alle Gelderse Natura 2000-gebieden moeten blijven’. De petitie zal worden aangeboden aan het college van Gedeputeerde Staten van Gelderland.

Natura 2000 is een beschermde status van de Europese Unie, maar is niet door ‘Brussel’ opgelegd. De Nederlandse overheid bracht deze gebieden in Gelderland zelf bij de Europese Unie. Dat brengt een zorgplicht met zich mee. De provinciebesturen van Noord-Brabant, Noord- en Zuid-Holland hebben de regering gemeld: “Handen af van onze Natura 2000-gebieden!”. Het provinciebestuur van Gelderland niet. Gelderse gedeputeerde Peter Drenth heeft gesteld dat er geen taboe rust op het opheffen van de Natura 2000-stempel van bepaalde gebieden.

De petitie van de Werkgroep Red Gelderland is te vinden op www.petities.nl, zoek op ‘Alle Gelderse Natura 2000-gebieden moeten blijven.

Foi, Foi: Worst in de boerenkool…

Tegenwoordig komt d’r veul luu uut de stad in ut buutengebied van ut platteland wonen. Ze vindt de ruumte zo fijn en alles is d’r rustig. En ze kunt noe zo lekker eigen gruunte kweken in eigen tuin want dat is natuurlijk veul lekkerder als uut de supermarkt. Maar ze kiek d’r wel te gemakkelijk tegen an. Want a’j un lekkere kroppe sla of beuntjes uut eigen tuin wilt eten kump d’r heel wat kieken. Iemand kreeg sla van un tuinier maar die zei later tegen de man dan zee liever gien sla had met zand en slakken d’r in. Ja, dat ku’j natuurlijk verwachten van sla zo van ut land. Doar zit zand en meestal ok wal slekkenI(slakken) in. Dat heurt d’r bie.
Um boerenkool (ze zek hier gewoon ‘moes’) te verbouwen is veul gemakkelijker die gruuit wel as (kool) a’j ze goeie grond geef. Toch lekker die eigen boerenkool. Ze zek dat ut eerst ‘de vorst d’r oaver’ ewest mot wèzen um un goeie smaak te kriegen.
Oaver de boerenkool geet ok ut volgend verhaaltjen dat ik un tiedjen elejen heuren vertellen. Ut kan maar zo gebeuren. Mo’j is heuren: In un darp niet zo verre bie mien uut de buurte was un jong echtpaar kommen wonen. Ze vonden ut arg fijn um buuten te wonen. Ze konden ut goed vinden met de buren. Ieder joar had de buurman van alles epoat en ezeeid in de tuin.
De nieuwe buurvrouw uut de stad, die nog weinig ervaring had in ut tuinieren, had veul interesse in alles wat de buurman deed in de tuin. Gruunte uut eigen tuin vond ze arg lekker. Ze keek d’r bar van op dat de gruunte ut zo goed deed in de tuin. Toen ut al wat varder in de tied was gruuien de boerenkool bar mooi. De buurvrouw kwam kieken en vroeg an um weurumme hee die stokken bie de boerenkool had ezet. “Dat heurt d’r bie”, zei hee, “dat doe ik altied. Van stokken dicht bie de planten goat de worsten gruuien. Dat heurt bie de boerenkool en komt d’r vanzelf an.”
Dat wol hee tenminste de buurvrouw wies maken. Dat plannetje had de man bedacht. De vrouw deed of zee alles geleuven en vond ut hardstikke mooi bedacht van de buurman. Maar…ze zol um wel effen kriegen met zien proatjes. Zee ging ’s margens heel vrog uut berre en ging met un paar worsten noa de tuin van de buurman en knuppen die op an de stokken bie de boerenkool. Noe de reacties maar afwachten.
Later op de margen liep de buurman deur de tuin en wat hee toen zag. Hee kon zien ogen niet geleuven: worsten bie de boerenkool. Hee riep zien vrouw en zei: “Noe mo’j toch is kieken. Ik heb ut nog nooit ezeen: worst bie de boerenkool. Hoe kan ut zo gruuien op ut land.” De buurman had toen wel deur dat hee lilluk te pakken was enommen deur de buurvrouw. De worst hef um toch lekker esmaak.

Goed goan,
Martien,
de Platschriever uut Loenen

Un mense telt wel zien geld maar niet zien joaren

Retrospectief: De schat op de Vrijenberg

In Loenen moet volgens de overlevering ergens een schat verborgen liggen. Eeuwenlang rust het al in de bodem van het Gelderse dorp. Velen hebben er in de vorige eeuwen al naar gezocht. Zonder resultaat. Het verhaal gaat over een gouden beker of een zilverschat. Generatie na generatie hebben de Loenenaren het verhaal doorverteld.
Rond 1350 woedde op de Veluwe bij Loenen een felle strijd tussen boeren en ridders. Een van de ridders had een gouden beker en nog enkele kostbaarheden bij zich. De man vreesde een hevige bloedige strijd en besloot om de waardevolle beker ergens te begraven in afwachting van een gunstige terugtocht. Hij zocht zich een goede, voor hem herkenbare plaats, mogelijk bij een boom of heuvel. Hier begroef hij zijn kostbare bezit. De strijd werd, zoals bekend, zeer bloedig en de man verloor het leven. Blijkbaar had hij iets over het begraven van zijn kostbaarheden aan anderen verteld, omdat het verhaal niet met hem in het graf verdween. Wellicht is er direct na de dood al naar gezocht. Maar er is nooit een spoor gevonden. Het enige dat overbleef is de legende van de gouden beker, die eeuwenlang van generatie op generatie is doorgegeven.

Sommigen denken dat de schat ergens in de buurt van de Vrijenberg (tussen Beekbergen en Loenen), verborgen moet zijn, omdat in die omgeving de strijd heeft gewoed. Anderen denken dat de Zilvense bossen de schat verborgen houdt. Hier waren plekken waar de krijgers zich mogelijk verzamelden.
Menigeen in Loenen die de schop ter hand neemt en een diepe kuil graaft hoopt dat het geluk met hem zal zijn. Ergens moet de beker toch verborgen zijn? Oudere Loenenaren zeggen niet voor niets: ‘Van een oud verhaal is altijd wel wat waar!’

In de buurtschap De Dalenk, bij de bossen van de Loenermark, ontdekte men tachtig jaar geleden al een flinke steen bij het uitgraven van een garage. Twee mannen waren druk bezig. Men dacht onder de steen een schat te vinden. Helaas werd hun harde werken niet beloond,. Ze vonden wel enkele oude munten.
In de loop de jaren zijn bij opgravingen vele oude vondsten gedaan bij het uitgraven van woningen en gebouwen. Oude maalstenen, klapperstenen, urnen en oude gebruiksvoorwerpen kwamen te voorschijn. Kort geleden werden nog unieke vondsten gedaan bij het uitgraven van de woningen op ‘t Hameinde. De schat blijft echter nog steeds onvindbaar.

Gelderse gemeenten zetten alles op alles voor sluitende begroting

REGIO – Forse bezuinigingen, OZB verhogingen en eenmalig geld gebruiken om structurele problemen op te lossen; Gelderse gemeenten hebben alle mogelijk middelen ingezet om hun begroting en meerjarenraming sluitend te krijgen. Alle 51 gemeenten komen daarmee in 2020 nog net onder normaal, repressief toezicht.

“Gemeenten hebben echt hun stinkende best gedaan, maar we maken ons grote zorgen. De rek is er definitief uit. Er hoeft maar iets te gebeuren en het gaat mis”, aldus een bezorgde gedeputeerde Jan Markink.
Uit de begrotingen blijkt dat de financiële situatie van Gelderse gemeenten verslechtert. De komende jaren zullen ze naar verwachting honderden miljoenen gaan interen op hun reserves. “Gemeenten doen hun dagelijkse boodschappen van de spaarrekening. Dat is niet houdbaar”, aldus Markink. Ook inwoners in Gelderland gaan de pijn voelen: de gemeentelijke belastingen gaan volgend jaar gemiddeld met 6 procent omhoog.

Markink: “Gemeenten zitten in grote onzekerheid over hoe ze in de toekomst bestaande en nieuwe taken kunnen betalen.” Naast het sociale domein krijgen gemeenten er de komende jaren nog verschillende grote taken bij zoals beschermd wonen, de energietransitie, digitalisering, het bouwen van genoeg betaalbare woningen en de Omgevingswet. Nu al worden grote investeringen voor bijvoorbeeld de energietransitie en onderhoud van wegen vooruitgeschoven.

De voornaamste oorzaken van de financiële problemen zijn oplopende tekorten in het sociaal domein en tegenvallende inkomsten uit het Gemeentefonds door de trap-op-trap-afmethode. Volgens deze rekenmethode krijgen gemeenten minder geld uitgekeerd als het Rijk minder uitgeeft en andersom. “Gemeenten zoeken naar manieren om hun beleid efficiënter uit te voeren. Dat moeten ze ook zeker blijven doen, maar er moet ook echt structureel meer geld bij van het Rijk”, vindt Markink. “Daarnaast is het goed dat Rijk, zoals ze toegezegd heeft, iets doet aan de grote schommelingen in het gemeentefonds. De trap-op-trap-afmethode is te grillig.”

Gedeputeerde Staten houden toezicht op de financiële huishouding van gemeenten, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen. Op basis van de begroting en de financiële langetermijnplanning bepalen GS elk jaar in december de vorm van het financieel toezicht voor het komende jaar.
Repressief toezicht is de normale vorm van toezicht en preventief toezicht de zware vorm. Een gemeente komt onder preventief toezicht als de begroting niet structureel en reëel in evenwicht is en als er ook geen zicht is op evenwicht in het laatste jaar van de meerjarenbegroting.

Een Stief Kwartiertje: Uitdaging

Nu we een aantal dagen op weg zijn in 2020 zult u ongetwijfeld bemerkt hebben dat het nieuwe jaar verdacht veel lijkt op het oude. Maar omdat het jaar nog zo nieuw is, leeft er bij velen van ons de hoop dat het een goed jaar zal worden, hopelijk beter dan het oude, wellicht niet het allerbeste, al hebben we elkaar dat hartelijk en gemeend toegewenst.

Het nieuwe decennium wordt een grote uitdaging, ook in onze regio. We zullen een uitweg moeten vinden voor de grote tegenstellingen, die steeds duidelijker op ons afkomen. Zo wordt het steeds drukker op onze wegen en dus ook op die van de Veluwezoom; de stroom auto’s wordt langer en daarmee ook de files. De verkeersdrukte zal langzaam maar zeker van het westen naar het oosten verschuiven. Het zal de roep om meer asfalt vergroten en daarmee ook de roep om meer openbaar vervoer. Daarnaast zal er sprake zijn van bevolkingsgroei en die mensen willen en kunnen niet allemaal in het westen wonen en dus komen ze naar ons toe, ook met de auto. Ze willen ook een dak boven hun hoofd, dus moet hier meer gebouwd worden en zal er een nieuwe slag om de kostbare bouwgrond plaatsvinden. Ook onze natuurgebieden zijn niet heilig, ze liggen letterlijk in de weg naar onze ‘vooruitgang’. De verdroging van de Veluwe moet tegengegaan worden, sterker nog: de Veluwe zal veel meer water moeten vasthouden voor tijden van droogte. De toeristenindustrie mag natuurlijk niet opdrogen en krijgt alle kans te groeien als het water op de Veluwe blijft; immers, zonder water geen groei. En de naaldbomen moeten plaatsmaken voor nieuwe loofbomen.
Al die ontwikkelingen zullen in prachtige nota’s beschreven worden, waaromheen een hele fraaie strik zit waarop in kapitalen duurzaam gedrukt is. Kortom, de grote uitdaging zal dus zijn dat we óf stikken in het stof óf dat we de stiksels afstoffen, die ons verbinden.

Een uitdaging betekent dat we iets moeten doen wat we niet eerder deden en omdat het een begrip is met een positieve klank zal dat tot nieuwe perspectieven kunnen leiden. Misschien kunnen we andere en betere energiebronnen vinden die ver buiten ons fraaie landschap liggen, zodat die niet volgepompt hoeven te worden met zonneparken en ons uitzicht niet bepaald wordt door zeer hoge windmolens. De agrarische sector zal kleiner moeten worden, waardoor er meer ruimte komt voor bossen en andere natuur, maar ook voor woningbouw. De rivieren zouden we ook breder kunnen maken om het water bij hevige regen beter te verwerken en de meegenomen rivierklei kan weer tot kringlooplandbouw leiden. Onze IJssel wordt een levensader. We moeten niet alleen tegen de klimaatverandering vechten, maar juist verstandig meebewegen. Uitdagingen zijn ook en vooral kansen, zoals onze slimme buren uit Wageningen ons voorspiegelen.

In het afgelopen jaar hebben we als mensen in onze samenleving vaak tegenover elkaar gestaan en ruzie gemaakt over vliegen, PAS en Pfas, de tanende voorzieningen, het klimaat, de migranten etc. En toch leven we in een van de welvarendste en veiligste landen op de aardkloot, waarin het merendeel van de mensen zegt tevreden en zelfs gelukkig te zijn. De tegenstellingen zullen dit jaar niet anders zijn en wellicht zullen die opnieuw gesymboliseerd worden in de komende nieuwjaarsnacht met het even feestelijke als verfoeilijke fenomeen: vuurwerk. Vuurwerk staat symbool voor de huidige tegenstellingen en een eerste stap in de richting van een samenleving met respect voor mens, dier en plant is om van een tegenstelling een uitdaging maken.

Desiderius Antidotum

Foi, Foi: Worst in de boerenkool…

Tegenwoordig komt d’r veul luu uut de stad in ut buutengebied van ut platteland wonen. Ze vindt de ruumte zo fijn en alles is d’r rustig. En ze kunt noe zo lekker eigen gruunte kweken in eigen tuin, want dat is natuurlijk veul lekkerder als uut de supermarkt. Maar ze kiek d’r wel te gemakkelijk tegen an. Want a’j un lekkere kroppe sla of beuntjes uut eigen tuin wilt eten kump d’r heel wat kieken. Iemand kreeg sla van un tuinier, maar die zei later tegen de man dan zee liever gien sla had met zand en slakken d’r in. Ja, dat ku’j natuurlijk verwachten van sla zo van ut land. Doar zit zand en meestal ok wal slekkenI (slakken) in. Dat heurt d’r bie.
Um boerenkool(ze zek hier gewoon ‘moes’) te verbouwen is veul gemakkelijker die gruuit wel as (kool) a’j ze goeie grond geef. Toch lekker die eigen boerenkool. Ze zek dat ut eerst ‘de vorst d’r oaver’ ewest mot wèzen um un goeie smaak te kriegen.
Oaver de boerenkool geet ok ut volgend verhaaltjen dat ik un tiedjen elejen heuren vertellen. Ut kan maar zo gebeuren. Mo’j is heuren: In un darp niet zo verre bie mien uut de buurte was un jong echtpaar kommen wonen. Ze vonden ut arg fijn um buuten te wonen. Ze konden ut goed vinden met de buren. Ieder joar had de buurman van alles epoat en ezeeid in de tuin.
De nieuwe buurvrouw(uut de stad), die nog weinig ervaring had in ut tuinieren, had veul interesse in alles wat de buurman deed in de tuin. Gruunte uut eigen tuin vond ze arg lekker. Ze keek d’r bar van op dat de gruunte ut zo goed deed in de tuin. Toen ut al wat varder in de tied was gruuien de boerenkool bar mooi. De buurvrouw kwam kieken en vroeg an um weurumme hee die stokken bie de boerenkool had ezet. “Dat heurt d’r bie”, zei hee, “dat doe ik altied. An stokken dicht bie de planten goat de worsten gruuien. Dat heurt bie de boerenkool en komt d’r vanzelf an”.
Dat wol hee tenminste de buurvrouw wies maken. Dat plannetje had de man bedacht. De vrouw deed of zee alles geleuven en vond ut hardstikke mooi bedacht van de buurman. Maar…Ze zol um wel effen kriegen met zien proatjes. Zee ging ’s margens heel vrog uut berre en ging met un paar worsten noa de tuin van de buurman en knuppen die op an de stokken bie de boerenkool. Noe de reacties maar afwachten,
Later op de margen liep de buurman deur de tuin en wat hee toen zag… Hee kon zien ogen niet geleuven: worsten bie de boerenkool. Hee riep zien vrouw en zei: “Noe mo’j toch is kieken. Ik heb ut nog nooit ezeen: worst bie de boerenkool. Hoe kan ut zo gruuien op ut land”. De buurman had toen wel deur dat hee lilluk te pakken was enommen deur de buurvrouw. De worst hef um toch lekker esmaak…
Goed goan,

Martien, de Platschriever uut Loenen

‘Un mense telt wel zien geld maar niet zien joaren’