Home / Alle-Regiobode (page 4)

Alle-Regiobode

Een Stief Kwartiertje: Afvalligen

De afvalverwerking kan eerdaags bij het grofvuil. Nu wil natuurlijk niemand dat het nog een grotere zooi wordt dan het al is, maar als de chaos zowel bij de afvalverwerkers als bij ons, de toeleveranciers, aanhoudt dan gaat alles richting de stort. Er moet echt iets veranderen.

De afgelopen week heb ik weliswaar niet besteed aan het graaien in alle afvalsystemen die in de regio gangbaar zijn, maar aangezien elke gemeente een ander systeem en andere voorwaarden hanteert, net als de asfaltverwerkingsindustrie zelf, is iedereen de afvalweg kwijt. Het is een zooitje in meerdere opzichten. De ouderwetse stort is door de hoge vlucht van de afvalscheiding getransformeerd tot recyclepleinen, wat op veel plaatsen een verhullende term voor vuilnisbelt is. De medewerkers moeten daar als milieu-agenten optreden, omdat veel mensen op de gemakkelijkste manier van hun zooi af willen, zeker als ze ervoor moeten betalen. Het afgebroken tuinmuurtje aanbieden als tuinafval is in een aantal gemeenten aanmerkelijk goedkoper dan het als puin storten. De goeden uiteraard niet te na gesproken, die keurig het afval in de daarvoor bedoelde bak gooien. Gelukkig zijn dat de meesten, maar desondanks blijft het een zooi.

Burgers moeten tegenwoordig een graad in de hogere afvalkunde gehaald hebben willen ze wijs worden uit de instructies hoe het afval te scheiden. Het boterhamzakje staat er symbool voor; dat mag niet in de PDM-bak (plastic- en metaalverpakkingen en drankkartons) als het thuis wordt gebruikt, maar wordt het daarbuiten gebruikt dan wel. Hetzelfde geldt voor aluminiumfolie, als de plaats waar het verkocht wordt verschilt van de plek waar het gebruikt wordt, dan is het ook een verschillend soort afval. Leg dat maar eens aan de dolende burger uit. En dus pleuren veel mensen de hele handel bij elkaar en mogen de afvalverwerkers het uitzoeken, maar die kunnen het daarom niet scheiden en pleuren op hun beurt alles bij elkaar.
Daarnaast kun je met allerlei andere soorten afval creatief omgaan, want als vrienden of familie in een andere gemeente wonen waar andere regels gelden, dan kun je kijken waar je je troep het goedkoopste kwijt kunt. Kortom, overal heerst chaos en dat leidt tot bijzondere maatregelen.

Nog niet in onze regio, maar er zijn al gemeenten die een soort afvalpolitie in het leven hebben geroepen. Het zijn klikorechercheurs, die zelfs boetes mogen uitdelen. Ze schuimen als straathonden in de vroege ochtend langs de kliko’s en duiken erin op zoek naar verboden spullen. Omdat dit veel agressie oproept en er gedreigd wordt de kliko op het hoofd van de klikogluurder te ledigen, worden er nu andere en meer opvoedkundige maatregelen genomen, de klikocoach is in aantocht om het afvallige volk in de goede afvalbanen te leiden; een spoedcursus afval scheiden op de stoep. Vooralsnog zijn we daar nog van gevrijwaard, maar voor hoelang?

Het gaat er natuurlijk om dat gemeenten en afvalverwerkers opnieuw om de tafel moeten om een uniform en eenvoudig dus voor iedereen begrijpelijk systeem te ontwikkelen. Het moet afgelopen zijn met in elke gemeente verschillende bakken, plastic zakken en containers met en zonder pasje en waar je daar wel en daar niet voor hoeft te betalen. Daarnaast moeten ook de supermarkten met elkaar afspreken dat ze op een uniforme manier en met hetzelfde materiaal producten verpakken. Daar vraag je me wat. Wellicht komt het nog een keer goed als de overheid c.q. de politiek haar verantwoordelijkheid neemt en concrete afspraken maakt met de afvalverwerkingsindustrie. Niemand wil de afvallige zijn, maar nu zijn we het allemaal.

Desiderius Antidotum

Retrospectief: De sluis in de Oude IJssel

Momenteel ligt het gebied rond het sluizencomplex tussen Oude IJssel en de IJssel en Doesburg behoorlijk op z’n kop. Niet voor het eerst worden daar werken uitgevoerd ter verbetering van de aansluiting tussen bij rivieren. Er wordt ter plekke gewerkt aan het plan De Blauwe Knoop. Eén van de belangrijkste kunstwerken is de aanleg van een vistrap, die het voor vissen mogelijk moet maken tot maximaal 5 meter hoogteverschil te overbruggen. Verder wordt het gebied – een soort schiereiland tussen sluis en stuw – beter toegankelijk en beleefbaar gemaakt voor bezoekers. Samen met de passantenhaven en de voormalige GTW-loods belooft het een mooi stukje Doesburg te worden.

Op deze foto uit 1953 zien we de schutsluis in Oude IJssel. Die is een jaar daarvoor in gebruik genomen ter vervanging van een ouder en kleiner exemplaar. De eerste sluis op die plek werd in 1890 in gebruik genomen. Voor het eerst konden schepen daarna in één keer doorvaren, zonder bij Doesburg over te moeten laden. Het hoogteverschil tussen beide wateren is soms wel vijf meter en werd via een stuw overbrugd. Al sinds vele eeuwen mondde de Oude IJssel, die in het Duitse Raesfeld ontspringt, bij Doesburg in de IJssel. Momenteel is die waterweg 81,5 kilometer lang, waarvan 26,5 kilometer op Nederlands grondgebied. Het grootste deel is echter niet bevaarbaar anders dan voor kano’s. Pleziervaart kan tot Ulft komen, de beroepsvaart kan niet verder meer dan Doetinchem.

De sluis die in 1952 werd geopend meet 55 x 8 meter en heeft een zogenaamde drempeldiepte van 2,5 meter. Die maten werden aangehouden omdat ook coasters of kustvaarders – langs kusten varende zeeschepen – met hout uit Scandinavië geschut konden worden. Die voeren onder andere naar Oldenboom in Doetinchem.

In 1964 werd het sluizencomplex vernoemd naar de geestelijk vader van de waterwerken, ‘ir. R. Ver Loren van Themaat’. Een gedenkplaat over de naamgever werd na de verbouwing van het bedieningsgebouw (rechts naast de brug) overgeplaatst op het nieuwe gebouw, dat in 2007 in gebruik werd genomen. Van daaruit worden overigens ook de bruggen bij Hoog- en Laag-Keppel bediend.

Retrospectief: De Carolinahoeve

Deze week kijken we naar een beroemde pleisterplaats in de bossen van de Veluwezoom; De Carolinahoeve. Het gebouw op deze foto is opgetrokken in 1862. Maar een eerdere Carolinahoeve was op dezelfde plek al in 1765 gebouwd. Brand verwoestte die hoeve echter, waarna dus nieuwbouw volgde. Bij een verbouwing enkele decennia geleden trof men zwartgeblakerde balken aan die er op wijzen dat ook in dat latere gebouw brand heeft gewoed. Maar vast staat dat al sinds 1765 gebouwen op de plek staan die de naam Carolinahoeve dragen.

De naam dankt de hoeve aan Carolina van Oranje, die in 1743 werd geboren. Anna van Hannover, haar moeder en getrouwd met Stadhouder Willem IV, was de opdrachtgever voor de bouw en vernoemde dus naar hun dochter Carolina. De Carolinahoeve werd gebouwd aan een zogenaamde koningsweg, die deel uitmaakte van het jachtgebied van het Hof te Dieren. Om die reden kent het gebied ook nog een Carolinaberg en – genoemd naar een ander kind van Anna en Willem – een Willemsberg. De Carolinahoeve was een plek waar paarden werden gewisseld en waar een pauze in de reis kon worden gehouden.

Rond 1900 waren de drie broers en één zuster Pruis de pachters. Vrouw Pruis begon in die tijd pannenkoeken te bakken voor reizigers die over de koningsweg trokken. In 1911 kwam de Carolinahoeve in bezit van Natuurmonumenten en in 1922 begon J. Dikker als pachter. Ook hij bakte pannenkoeken en hij liet enkele gastenkamers bouwen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de afgelegen hoeve een plek waar onderduikers en Arnhemse evacués een onderdak vonden.

In 1973 eindigde E. Dikker, die zijn vader in 1946 had opgevolgd de exploitatie, dat is de tijd waarin deze foto is gemaakt. Verval van de hoeve dreigde. Een comité onder aanvoering van Wim Kan en Simon Carmiggelt zamelde vervolgens voldoende geld in voor behoud en opknappen van de hoeve. Zij waren vaste gasten. Eindelijk kwamen er waterleiding en elektriciteit en in 1978 werd de familie Just de la Paisieres de beheerder en later de exploitant. De Carolinahoeve groeide uit tot een bekende en drukbezochte uitspanning, waar menig wandelaar of fietser geniet van de rust, de gastvrijheid en een smakelijke pannenkoek.

Een Stief Kwartiertje: Slagboom

Nu ze in Eerbeek het stationsgebied hebben gepromoveerd tot de ‘Poort van de Veluwe’, de regionale hotelbranche een dringend verzoek bij de overheden heeft neergelegd om meer 4-sterrenhotels te mogen bouwen op de Veluwe en Visit Veluwe wil dat ons natuurgebied niet alleen in het voorjaar en de zomer, maar ook in de winter tot toeristische attractie wordt verheven, dan is het duidelijk dat er krachten werkzaam zijn om de Veluwe en daarmee ook de Veluwezoom tot het grootste recreatiepark van ons land te maken; één grote toeristische speeltuin. De toerist krijgt er niet meer de kans om rust te zoeken, maar moet vermaakt worden, want vermaak levert geld op.

U weet dat speeltuinen, naast de vele speeltjes, ook gekenmerkt worden door een hek, het is een afgebakend terrein. Je moet betalen om erin te mogen en ook betalen om je auto mee te mogen nemen danwel te parkeren. Betalen moet je, want ook een speeltuin moet onderhouden worden en alle speeltuinbeheerders weten dat de bezoekers geld hebben in hun achterzak. En zo gebeurt het dat de Veluwe langzaam maar zeker verandert van een uniek natuurgebied in een economische factor van betekenis met wat heide, bomen en wild als omlijsting. Zo ook onze eigen Posbank.

Natuurmonumenten is een club die neigt in de nabije toekomst parkeerterreinen als natuurmonumenten te gaan beheren en aangezien een groot deel van de Posbank eigendom is van Natuurmonumenten, zijn onze stuwwallen inmiddels verworden van een natuurgebied tot één groot parkeerterrein. Natuurbeheer is daardoor een commerciële activiteit geworden, de Posbank is een soort Ikea in de buitenlucht. Natuurbescherming is in de afgelopen decennia al getransformeerd tot natuurbeheer en van natuurbeheer is het een kleine stap naar natuurbeheersing. Dat proces is nu gaande op de Veluwe en dus ook aan de Veluwezoom; de Posbank wordt een park met natuur als attractie. Uiteraard wordt het verkocht als natuurbescherming en natuurbeheer. Nu de andere grote attractieparken zoals Amsterdam overvol raken, ontwikkelt de toerisme-industrie momenteel een spreidingsstrategie: op naar de Veluwe. Een grote toeloop, ook van vele buitenlandse toeristen, wordt verwacht en daar is de resterende natuur niet tegen bestand en dus is het wachten op de slagbomen voor de parkeerplaatsen en vervolgens op de slagbomen op de toegangswegen.

Alles moet omheind worden, niet alleen voor het wild, maar zeker ook voor de mens die op bezoek komt. Natuurmonumenten en gemeenten zijn inmiddels verworden tot clubs van geboden en verboden, van protocollen en gedragsregels; alles moet gereguleerd zijn en zeker de mens. In de Veluwse speeltuin zijn al diverse dierentuinen, waar het wild binnen de afrastering dient te blijven. Voor het kleine wild zijn er nog wel migratiemogelijkheden, maar het edelhert, het wilde zwijn en zeker de wolf dienen in het aangewezen gebied te blijven, gemarkeerd door het hek. De mens is een nagenoeg ontembare diersoort en dient aan banden te worden gelegd. Eigenlijk is de Veluwe al goeddeels omheind, maar de mens breekt er nog te vaak in en uit. En dus wil Natuurmonumenten dat er betaald wordt voor de parkeerplekken op de Posbank. Naast loofbomen nu ook slagbomen.

De leden en bestuur van Natuurmonumenten zijn mensen, de toeristenindustrie biedt werk aan mensen en alle bezoekers blijken ook mensen te zijn. De Veluwe en de Veluwezoom raken oververhit, net als het klimaat veroorzaakt door mensen. Wie laat de slagboom neer voor wie?

Desiderius Antidotum

Rick Evers: Bob de zwembadbouwer

Het is heet dus Nederland wordt gek. Op Marktplaats wordt het meest gezocht op ‘ventilator’ en ‘zwembad’. Na ‘gratis’ uiteraard, want we blijven Nederlanders. En over een maandje staan diezelfde spullen weer op Marktplaats. Maar dan aan de aanbod-kant. Je merkt aan alles dat we niet gewend zijn aan die hitte van de afgelopen periode. Live-blogs over het oplopen van de temperatuur, slapeloze nachten omdat we geen airco hebben en het onophoudelijke geklooi met die opblaas- en opzetzwembaden. De eikenprocessierups? Daar hoor je niemand meer over. We hebben een nieuwe gezamenlijke vijand: de hitte Maar even terug naar die zwembaden. Want hoe irritant is dat zeg. Je zet of blaast ze op (met veel zweet of veel lawaai), gooit er een miljoen liter water in, gaat er even inzitten en drie dagen later kun je weer opnieuw beginnen omdat het water stinkt en de bodem glibbert van de algen. Ik heb er inmiddels ervaring mee en vind het een boel gedoe voor een uurtje waterpret. Ik snap Nicole dus helemaal. Nicole uit Duivendrecht. Ineens kwam ze overal in het nieuws omdat ze eigenhandig een zwembad had gebouwd in haar achtertuin. Compleet met filtersysteem en mozaïektegeltjes aan de zijkant. Het enige wat Nicole nog oppompt, is de grote roze flamingo. Handige Nicole ging heel Facebook over en helaas zag mijn vrouw het bericht ook. Dan weet je dus al hoe dat gaat aflopen. Mijn naam werd eronder getypt, met de vier woorden: ‘dit wil ik ook’. Het voordeel is dat ons opblaaszwembad op Marktplaats kan. Inclusief algen. Het nadeel is dat ik de komende maanden ineens heel druk ben. Komt iemand helpen graven?

Zomeropenstelling Achterhoeks Planetarium

TOLDIJK – Aan de Hoogstraat 29 in Toldijk bouwde Henk Olthof op zeer ingenieuze wijze meerdere planetaria. Bezoekers kunnen hier een ruimtereis maken in Ruimteschip Aarde. Dit is een ingenieuze, draaiende aardbol die de inzittenden de sterrenhemel laat zien. Ruimteschip Aarde reist op vrijdagavonden tot en met 23 augustus van 20.00 tot 21.30 uur en op woensdagmiddag 14 augustus van 14.00 to 15.30 uur. Aanmelden via de website is noodzakelijk in verband met de beschikbare ruimte.

www.achterhoeksplanetarium.nl

Business & Shopping: De Heeren van Rheden: Interieur, Plant, Sfeer en meer

RHEDEN – Sinds oktober vorig jaar is aan de Groenestraat 47 in Rheden een nieuwe woonwinkel te vinden voor industrieel en landelijk wonen. De Heeren van Rheden biedt een breed assortiment met voor ‘Interieur, Plant, Sfeer en meer’.

“Oud met nieuw combineren maakt dat een huis leeft, sfeer krijgt en een ziel. Combineer dit met persoonlijke spullen en geef uw interieur uw eigen karakter”, adviseren Maurice Krechting en Harm Dijkhuis. Wie er zelf niet uitkomt wat betreft een nieuw in te richten huis, appartement of bedrijfsruimte, kan voor interieur- en stylingadvies terecht bij de Heeren. Zij geven advies op het gebied van kleuren, indeling van de ruimte en verlichting.

In de sfeervolle woonwinkel aan de Groenestraat staan verschillende productgroepen uitgestald. “We hebben bijvoorbeeld een prachtige zitmeubellijn, gemaakt van Italiaans buffelleer, die wij in 21 verschillende kleuren kunnen leveren. Onze eettafels, en een gedeelte van onze bijzettafels zijn gemaakt van oude schippersboten uit Indonesië. Alles wordt gebruikt, van ijzer tot aan de teksten die als naam op de boot stonden vermeld. Ook uit Indonesië afkomstig zijn onze mangohouten vitrinekasten en lampenvoeten. Ook hebben we een mooie assortiment bijzet- en salontafels van mangohout. Voor iedere sfeer hebben we bovendien leuke woonaccessoires, waaronder kussens, plaids, lantaarns, waxine lichten en kandelaars”, aldus de Heeren.

Nieuw in het assortiment zijn de tassen en portemonnees. “We hebben leuke schoudertassen van bycastleder, strandtassen en kinderportemonnees.” In het najaar starten de workshops bloemschikken, waarbij leuke arrangementen worden gemaakt voor het najaar en de komende kerst.
Data van workshops, het laatste nieuws en nieuwe producten zijn te vinden op de Facebookpagina van de Heeren van Rheden, evenals op de website.

www.deheerenvanrheden.nl

Pannenkoeken smullen in de stoomtrein

REGIO – De Veluwsche Stoomtrein Maatschappij heeft dit jaar wat nieuws, de Pannenkoekentrein. Op álle vrijdagen in augustus rijdt een historisch restauratierijtuig uit 1927 met de reguliere stoomtrein mee als Pannenkoekenrijtuig.

De trein vertrekt om 10.45 uur uit station Beekbergen en rijdt via Apeldoorn naar Eerbeek en weer terug. Wanneer de locomotief al stomend en fluitend in beweging komt, zijn de koks al bezig in de keuken van het rijtuig. Terwijl de stoomtrein over een prachtig deel van de Veluwe tuft, worden aan tafel de versgebakken pannenkoeken geserveerd.
Terug in Beekbergen kunnen de reizigers tijdens de depotstop de indrukwekkende verzameling locomotieven in het stoomdepot, de werkplaats en de draaischijf van dichtbij bekijken. Een bijzondere belevenis is het water en kolen laden in de locomotief. Het vernieuwde stationsterras, met een goede blik op het historische stationsgebouw en de treinen, nodigt uit voor een drankje.

Naast de pannenkoekentrein is er natuurlijk ook nog de bekende zondagse lunch in de VSM stoomtrein. Tot eind oktober kunnen reizigers elke zondag (behalve 8 september) tijdens de stoomtreinrit genieten van een heerlijke uitgebreide lunch in het historisch restauratierijtuig.
Voor de vrijdagse Pannenkoekentrein en de Zondagse lunch is online reserveren is noodzakelijk. Dit kan op de website van de VSM: www.stoomtrein.org.

Foi,Foi: Kold en warm buffet…

Ik ken un keerl die al aardig wat hef mee emaak. Deur zien wark hef hee heel wat van de wereld ezeen, maar noe is hee op un lèèftied dat hee graag bie Moe in huus is. Ok noe maak hee nog wel wat mee. Mo’j is heuren wat ik van um vernam…
Hee had uutnodigingen ekregen veur Amerika en uut Brabant veur un receptie van un olde bekende. Hee wist dat ze doar altied arg royaal bint. Tegen zien vrouw zei hee: “Wie goat door hen. Goa nu maar is mee. Dat wördt un leuke receptie met kold en warm buffet.” Dat lussen die snaaiert wel en zien vrouw was d’r ok niet vies van.
Ze gingen als vrog op pad want ut was un ende riejen. Ze waren ruumschoots op tied in de plaatse woar ut feest was. De vrouw zei nog: “Loat wie eerst iets goan èten, want ut kan nog wel effen duren.” “O nee”, zei de man, “dat vind ik zunde, want dan heb wie straks niet zoveul trek meer.”
Um de tied kapot te kriegen heb ze maar un hötjen op un terrasjen ezèten en thee edronken. Zonder gebak natuurlijk.
Ut wörden tied um noa de feestzaal te goan. Ut was d’r arg gezellig, echt op zien Brabants. Hee had twee biertjes op en ging toen an de cola want hee mos nog terugge noa huus riejen.
Ze kwamen met lekkere hapjes rond maar beien deden d’r niet an mee. Ze zollen met ut kold en warm buffet de schade wel inhalen, hoewel de buuk wel un bitjen begon te jeuken. De mage begon um ok un bitjen op te speulen. Ujt wörden hoog tied dat de toafels evuld wörden met lekker warm en kolde gerechten.
Ut duren heel, heel lange, maar eindelijk wörden d’r ezeg dat d’r un warme hap tot besluut kwam. De man zei: “Net op tied want ik starve bienoa van de honger!” Maar inplaats van un toafel met alle lekkere dingen d’r op, kwam d’r un deerntjen met un blad an met veur iedereen un schotteltjen met twee stoksies satè en un servetjen d’r bie…. De man zag dat en zei wat hellig tegen zien vrouw: “Wat un ramp. Was ik ok mar noa Amerika egoan, dan had ik ieder geval in ut vliegtuug nog goed te èten ekregen.”
Hee zat aardig met de mage in de warre. Op de terugweg noa huus keek hee oaveral of hee un bordjen van MacDonald zag maar alles zat al dichte.
In huus keek hee meteen in de koelkasten of d’r nog iets in lag van zien gading want met zo’n lege mage wol hee niet ut berre in. Hee hef nog gauw un paar eier me un paar platen ham in de panne eklets.
’s Nachts hef hee liggen dromen van lange toafels met allerlei lekkere snuusteriën d’r op. Wat was hee d’r gelukkig mee, maar toen hee wakker wörden had hee d’r toch nog un bitjen un kater van hoewel hee nauwelijks alcohol had edronken. Hee nam zich veur d’r de volgende keer niet op zoveul te rékenen en gewoon op tied wat te éten, dan viel ut op ut feest altied mee…

Goed goan,.
Martien,
de Platschriever uut Loenen

Hee zut wel de splinter in andermans ogen, maar niet de balk bie umzelf

Foi, foi: De badkuupe

“Mina, mien schoonzuster, vertellen Jan, “die is heel wat mans. Zee hef de broek an en wat zee wil mot d’r gebeuren. Ze was noe op ut idee ekommen um un bad te hebben. Ut leek heur dat heel fijn. Volgens heur was de doucheruumte groot genog um d’r un bad in te maken. Hee zag bar tegen ut grote karwei op en was bange dat Mina ut tegen zol vallen en dan zat hee d’r mee. Mina drammen nog weer is en zei dat bie heur vriendin ok zo’n mooi bad was dat wol zee ok hebben. Hans kon d’r niet onder hen. Hee bedach zich dat hee dat eerst wel effen uut zol proberen. Maar hoe? Doar ging um un lichien op. Hee ging noa un slopersbedrijf en koch zich doar un bad: ie kent dat wel zo’n olderwets emaille ding met poten d’r onder. Hee zei ut nog duudelijk tegen Mina: “Ut is un pense met wark zo’n bad en ut kost un bult geld deurumme wol ik ut eerst uutproberen met zo’n lösse kuupe. Ik zet dat in de douche en dan ku’j krek zolang ie wilt in ut bad blieven zitten. Zeg ie dan, verduld wat is dat fijn dan maak wie dat”. Mina sputteren nog wat tegen maar zag toch wel in dat Hans un redelijk veurstel deed.
Un dag of wat later halen Hans de badkuupe op. Hee hoeven d’r maar un paar cent veur te betalen. Noa wat martelen en mieren stond de kuupe op de plaatse. Mina bekeek zich dat effen en was d’r toch wel blie mee en zei:“Ik goa vanoavond meteen in bad”. Hans mos ’s avonds noa de biljartclub en zee had mooi tied um in bad te goan. Zee had badschuum ekoch.
Ut ging toch anders dan zee edach had want wat gebeuren d’r? De kuupe ging vol warm water en Mina d’r in met heur ‘volle gewicht’. Eerst ging ut nog maar toen ze ging verzitten knappen de poten dubbel, naar binnen toe. Ie kunt wel noagoan wat d’r gebeurt met zo’n emaille kuupe. Hee zakken kats scheef. D’r uutgoan durven zee ok niet want zee wat bange dat de kuupe zol umme donderen en al ut water deur ut huus zol stromen. O, wat un ramp. Toen Hans noa un tiedjen binnen kwam heuren hee al ut geschrèèuw en gebleer. Hee zag Mina doar scheef in ut bad hangen en mos zich bedwingen um niet hard te goan lachen. Ut was un heel geheister um Mina uut ut bad te kriegen. Foi, foi, wat ging ut mense tekeur tegen Hans. Wat mos hee toch met zulke olde pruttel! Zee had un hele tied bedruk ezèten en de konte deed heur zo zeur. Hans zag ut al: de emaille stukjes zaten in de billen. Hee mos an ut pellen um alles d’r uut te kriegen… Wat reren dat mense toch: niet mooi meer. Hoe Hans ok zei dat hee d’r niks an kon doen, ut hielp niks. Zee zei hellig: “Ut bad d’r rap uut en d’r kump d’r ok giene meer in. Niks weerd dat nieuwerwetse gedoe. Ik blieve mien maar gewoon douchen”.
Hans zei maar niks meer maar lachen in zien vuusien. Verduld doar was hee mooi van un beste klus af ekommen….

Goed goan,
Martien, De Platschriever uut Loenen

Wie goed kan lachen is un goed mens