Een Stief Kwartiertje: Achtertuin

Laat ik beginnen met een citaat dat elk weldenkend mens bekend voorkomt: de huidige ontwikkelingen op onze aardkloot worden er niet gemakkelijker op. Dat heeft voor een belangrijk deel te maken met de oorlog op het Europese vasteland dat een onzekere uitkomst heeft, ook voor ons. Dichter bij huis hebben we te maken met een nieuwe regering, die een hoofdlijnenakkoord heeft omarmd waarvan de uitkomst dermate onzeker is dat wij, inwoners van de Veluwezoom, ons afvragen of we kunnen doorleven zoals we gewend zijn. Dat wordt lastig, op z’n zachtst gezegd.

Eerst maar even terug naar Oekraïne. De Russische agressie heeft ons wakker geschud. We zijn weliswaar nog lang niet klaarwakker, want onze verdediging is nog een gatenkaas, die we heel snel met kunst- en vliegwerk moeten zien te dichten, uiteraard met hulp van onze NAVO-broeders. Dat moet beter en Europeser en daarom bestaat de kans dat er geoefend wordt tussen Loenen en Beekbergen met explosieven, die niet alleen de bewoners in de omgeving, maar hopelijk ook de Russen de schrik op het lijf jagen. Uiteraard zijn er allerlei bezwaren tegen deze oefenplek onder het welbekende motto: het is heel erg nodig, maar liever niet in mijn achtertuin.

In onze regio woedt nog een andere veldslag: de slag om de ruimte. Noem het leefruimte of woonruimte, het maakt niet uit. Het gaat feitelijk om gebrek aan ruimte met de vraag: wie gaat er wat inleveren ten gunste van de ander?
Zo staat er in Rheden een voormalig bejaardenhuis al jaren zodanig te verkrotten dat het een toevluchtsoord voor vandalen is geworden. Dankzij de aangebrachte vernielingen blijkt het nu ook een toevluchtsoord voor vleermuizen en andere beschermde diersoorten te zijn. Een echt besluit wat er met het pand moet gebeuren, wordt al jaren vooruitgeschoven, waardoor de status van het pand even onbestendig blijft als die van alle woningzoekenden. Elke gemeente worstelt met de opgave om een bepaald aantal woningen te realiseren, maar lopen tegen allerlei weerstanden op. Zo hebben we in ons landje veel landbouwgronden – iets meer dan de helft van onze grond is voor de agrarische sector – waarvan de producten voor 75 procent naar het buitenland gaan. We moeten daarnaast veel bomen planten om de natuur en daarmee de biodiversiteit te redden. Het nieuwe kabinet vindt dat allemaal belangrijk, maar landbouwgrond inleveren voor woningbouw, laat staan natuur, komt vooralsnog door geen enkel achtergrondonderzoek; we zeggen dus: liever niet in onze achtertuin.
Een alternatief is om binnen dorpen en steden te bouwen en daarbij eerst alle leegstand op te heffen. We moeten niet alleen bouwen in de breedte, maar vooral de hoogte ingaan. Dat laatste levert uiteraard ook weer protest op van omwonenden onder het eveneens welbekende motto: gezien de woningnood is het begrijpelijk, alleen kan het niet in mijn achtertuin.

Om toch positief te eindigen gaan we naar Doesburg. Daar heeft men na jaren gekrakeel, maar ook met goede inspraakrondes, besloten om een nieuw centrum te bouwen in de wijk Beinum en daarbij een groot aantal huizen te realiseren. Uiteraard is er daar ook sprake van protest van omwonenden vanwege de hoogte van de te bouwen flat, maar er is een besluit genomen en dat is al heel wat.
Ons landje is zo klein en er wonen zoveel mensen dat alles in onze achtertuin plaatsvindt. Maar als we iets van ons comfortabele leventje inleveren ten gunste van de ander levert dat wellicht echte leefruimte op, zelfs in de achtertuin.

Desiderius Antidotum

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.