Home / Alle-Regiobode / Een Stief Kwartiertje: Doesburg vertelt

Een Stief Kwartiertje: Doesburg vertelt

Doesburg is ontzettend druk met het vormgeven van haar toekomst en daarom zijn ze daar ontzettend hard bezig om het verleden op te poetsen. Dat klinkt haast tegenstrijdig maar is het niet, zij het dat oppoetsen het gevaar in zich heeft om het verleden mooier te doen lijken dan de werkelijkheid rechtvaardigt. Overigens een zwakke plek in onze vaderlandse geschiedschrijving, maar dit terzijde.

Het initiatief dat ‘Doesburg vertelt’ heet is lovenswaardig. De meeste gemeenten hebben al een canon in de vorm van een boek, waarin ze het roemrijke verleden aan hun inwoners verkopen, maar Doesburg heeft een originelere manier gevonden met verhalen en filmpjes op internet, waarin het verleden van het stadje wordt verteld. En Doesburg heeft veel geschiedenis en die moet verteld en verkocht worden. Doesburg is een oud vestingstadje, een Hanzestad, dus handel zit opgesloten in de vele kinderkopjes, maar handel is even belangrijk als omstreden.

Naast de vele historische panden in de binnenstad zijn de Hoge en Lage Linie belangrijke elementen in de Doesburgse geschiedenis. Die vestingwerken moesten de stad vroeger beschermen tegen vijandelijke aanvallen en die geschiedenis herhaalt zich heden ten dage, alleen komen de aanvallen niet meer vanbuiten maar vanbinnen. Om de Hoge Linie toeristvriendelijk te maken moest er een uitkijktoren komen, het Paard van Doesburg, een strijdros met blijde, dat symbool staat voor de helaas verloren slag met de Fransen in 1672. De stenen, die de blijde (een soort katapult) moest werpen, werden nu symbolisch van de ene naar de andere Doesburger geworpen en de aanvallers, die het gekozen materiaal voor het paard, de natuurschade en vooral het vele geld als wapens hadden gekozen, wonnen uiteindelijk.
Op naar de volgende veldslag, zo ging dat vroeger maar ook nu. Er moet een silhouet van het wachtershuisje van het Ford Bretagne komen op de Hoge Linie, een van de drie wachtershuisjes die Doesburg rijk was. Het is een kunstwerk en aangezien er over kunst altijd valt te twisten ontstaat ook over dit initiatief veel gekrakeel zoals over de ijzeren constructie, de aantasting van de natuur, geldverspilling, uitnodigende hangplek etc. Kortom, de gemeente vindt dat het er moet komen; geen paard, maar dan wel een wachtershuisje. De politiek wil dat veel toeristen de vestingwerken en daarmee de stad bezoeken. De politiek lijkt deze slag te gaan winnen.

Doesburg is weliswaar een Hanzestad, dus werd er in het verleden veel handelgedreven, maar die heeft vooralsnog alleen historische rijkdom aan panden opgeleverd. Daarnaast zijn de vestingwerken ook van blijvende waarde, maar de huidige financiële situatie vertelt dat Doesburg even arm is als de kerkrat onderin de Martinitoren. Meer geld is dus zeer welkom en die zit in de achterzak van de toerist, maar de komst van nog meer toeristen is omstreden, want veel toerisme is even lucratief als hinderlijk. Veel Doesburgers willen niet dat hun stadje het Amsterdam of Venetië van de regio wordt.

Het is natuurlijk niet verboden de geschiedenis te exploiteren. De vestingwerken zijn door mensen gemaakt, de stad is gebouwd door mensen, de IJssel en Oude IJssel zijn in de loop van de tijd door mensen gekanaliseerd en mensen bepalen in ons landje waar de natuur zich mag ontwikkelen. De kunst is om evenwicht te zoeken tussen de belangen van de mens en zijn “natuurlijke” omgeving. In dat proces kan of wellicht moet het verleden ons iets vertellen over de toekomst.

Desiderius Antidotum

Lees ook

Retrospectief: De oude molen van Brummen

Niet veel mensen zullen zich de molen op deze foto kunnen herinneren. De restanten daarvan …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.