Home / Algemeen / Retrospectief: Jong dorp Hoenderloo

Retrospectief: Jong dorp Hoenderloo

Het dorp Hoenderloo dankt zijn naam aan de vele (kor)hoenders die er werden aangetroffen mensen zich daar gingen vestigen. Vroeger moeten grote aantallen korhoenders, die nu zeer zeldzaam zijn, de bossen rond Hoenderloo hebben bevolkt. Hoender is kip en Loo betekent bos. Vandaar de naam Hoenderloo, oftewel Kippenbos.
Hoenderloo behoort voor een deel tot de gemeente Apeldoorn en voor het overige deel tot de gemeente Ede. Het Apeldoorns grondgebied behoorde in het begin van de achttiende eeuw aan de Heerlijkheid Het Loo en de geërfden van de Speldermark. Baron Hacfort van Ter Horst was Erfstout en Markrichter van de Speldermark. De vergaderingen werden gehouden in De Leeuw te Beekbergen.
Het is nu ruim 180 jaar geleden dat Ottho Gerhard Heldrink Hoenderloo ontdekte tijdens een voetreis op de Veluwe. Zijn naam blijft altijd met het dorp verbonden. Dominee Heldring heeft veel gedaan voor Hoenderloo. Dankzij zijn inzet kreeg het dorp ondermeer een waterput, een kerk en doorgangshuis.
De eerste waterput betekende erg veel voor de bewoners. De bouw ervan begon in 1844. Pas in 1850, na erg veel tegenslagen, was de put gereed. De put was ongeveer anderhalve meter breed en tien meter diep. De Heldringsput was voor de bewoners een grote luxe. In 1861 werden er nog twee putten bij gegraven en in 1900 volgde de vierde.
Dankzij dominee Heldring kreeg Hoenderloo in 1857 haar eerste kerk. Lange tijd kwamen de jongens van het doorgangshuis ook naar deze kerk. In 1870 kwam daar een einde aan omdat de jeugd zich niet wist te gedragen in de kerk en de inwoners zich ergerden aan de houding van de jongens. De kerk, inmiddels wit gemaakt (foto), blijft nog altijd een markante verschijning in het dorpsbeeld.
Hoenderloo kreeg in 1846 voor het eerst een schoolgebouwtje. In 1863 kwam de echte school waarvoor de Speldermark grond beschikbaar stelde. Er werden alleen jongens toegelaten die schoolgeld konden betalen. Het schoolverzuim was dan ook erg groot. Bij seizoensarbeid moesten de kinderen in de arme gezinnen thuis helpen. In 1870 noteerde men per kind nog 165 schoolverzuimen.
Dominee Heldring stichtte in Hoenderloo ook het jongenstehuis. Hij stelde in de stichtingsakte het doel van de instelling vast: ten eerste de tijdelijke opname van de jongens die hun leven moesten beteren en ten tweede de opleiding van verwaarloosde kinderen.
De stichting beschikte over een werkjongenshuis, een schoolgebouw, diverse werkplaatsen, een moestuin en een boerderij. De opzet was om de jongens al vroeg te leren hun eigen brood te verdienen, Heldring was ervan overtuigd dat arbeid een onmisbare factor is in het herstel van de ontspoorde jongeren.
Vele jaren functioneerde het tehuis geheel naar het idee van de dominee, maar de recente ontwikkelingen bij zorginstelling Pluryn maken de toekomst voor het tehuis, al jaren de Hoenderloo Groep, uiterst onzeker.

Lees ook

Foi.foi: Pocher

Ut schient dat deur de corona ut vissen noe weer in de belangstelling steed. De …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.