Home / Alle-Regiobode / Retrospectief: Schaapherderswoning op Steinhull

Retrospectief: Schaapherderswoning op Steinhull

Baron van Voorst, die rond 1900 het Loenense bos toebehoorde, vond het noodzakelijk dat midden in het bosgebied een woning werd gebouwd voor de jachtopziener. Hij was van mening dat zijn medewerkers kort bij het werkterrein moesten wonen. Daarom werd in 1915 het huis in het gebied Steinhull gebouwd. Een flink eind van de Dalenk verscheen een huis zonder enig comfort. Hendrik Staal ging er als eerste wonen met zijn gezin. Hij moest het zonder waterleiding, elektriciteit en aardgas stellen.
Hendrik Staal was door de baron aangesteld om toezicht te houden op zijn gebied, omdat het vaak voorkwam dat stropers het wild wegkaapten. Staal had al een beruchte reputatie als stroper en kende de klappen van de zweep. Baron van Voorst dacht daarom dat Staal een goede jachtopziener kon zijn.
Verschillende jaren deed Staal goed zijn plicht, maar de baron kwam er toch achter dat Hendrik wat buiten zijn boekje was gegaan… Staal kreeg daarom ontslag. Niet lang daarna moest Staal met zijn gezin ook het huis verlaten.
Nadat het huis een aantal jaren leeg had gestaan kwam Willem van Boven vanaf de Groenendaalseweg naar deze plek. Van Boven werkte ook ook in de bossen.
Toen de oorlog kwam bleek Steinhull een ideaal bolwerk te zijn voor onderduikers. Nederlanders, Russen, Polen, Engelse piloten en andere nationaliteiten vonden bij Van Boven een veilig onderkomen. In het huis of schuur vonden ze een schuilplaats. Nieuwe onderduikers moesten eerst een tijdje naar een schuilplaats ergens in de grond in het Loenense bos. Elke dag ging iemand van de familie van Boven naar de ‘holbewoners’ om hen van voedsel te voorzien. Ze verbleven er ook in de winter. Als het sneeuwde kon men er niet heen. Sporen zou hen verraden. Soms waren er wel 28 onderduikers die allen eten en drinken moesten hebben.
Er werd ook een vluchtgang bedacht om vanuit de schuur naar een plek verderop in het bos te kunnen komen. De onderduikers hebben lange tijd moeten werken aan de de tunnel die twintig meter lang werd. Wanneer er onraad was, kon men via deze tunnel veilig weg komen.
Het echtpaar Van Boven vertrok bij het ouder worden weer naar De Groenendaalseweg. Korte tijd werd het bewoond door de familie Meijerink die verhuisde naar Het Boshuis. Nadien deed het huis dienst als woning voor de schaapherders van de kudde in de Loenermark. Wygert van den Born, Jan Mojel, Roelof Brandsma, Sjoerd Stellingwerg, Agnes Kiemel en anderen hebben hier gewoond. De herder gaat van hieruit dagelijks naar zijn kudde in de schaapskooi en vandaar de heide op in het uitgestrekte gebied van de Loenermark.

Lees ook

Foi, Foi: De nieuwe auto

In disse streek was un keerl die pas un nieuwe wagen had ekoch. Hee mos …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.