Pelgrim René Beeking zou zo weer naar Santiago de Compostella lopen

LOENEN – Na een kleine vier maanden kwam pelgrim René Beeking weer thuis van een voettocht van precies 2.562 km naar Santiago de Compostella in Spanje. Hij arriveerde fris en monter aan de Cornelis Hendrikstraat in Loenen. Wel tien kilo lichter. Hij ondernam de tocht niet uit religieuze overwegingen, maar de superlange wandeling had tot doel om zijn hoofd leeg te maken.

Weg van alle drukte en stress, om al wandelend geheel tot rust te komen. In die opzet is Beeking volledig geslaagd. Hij zou het zo weer over willen doen al waren er onderweg ook wel is moeilijke momenten.

Op 8 juli vertrok hij voor de lange tocht. Meteen al pech, met twee dagen regen. Daarna ging het beter. Hij kon eerst overnachten bij vrienden, maar moest later al snel een slaapplek zoeken of in zijn tentje de nacht doorbrengen. In het begin had hij veel te veel bagage bij zich. Beeking: “Vaak vroeg ik me af heb ik dit en dat wel echt nodig? Verschillende keren heb ik wat teruggestuurd. Scheelde enorm in gewicht”.

Vaak liep hij alleen door het landschap en voelde zich vrij en verlicht. Zorgen had hij niet, alleen dagelijks twee vragen: waar kan ik vannacht slapen en wat zal ik eten?
Opmerkelijk vond de Loenenaar dat je als pelgrim een aparte status hebt: “Omdat ik de Jacobsschelp achter op mijn rugzak had geknoopt, werd ik overal als pelgrim herkend. Hartverwarmend zijn de reacties van de mensen. In Tegelen sprak ik een non en vroeg of er nog ergens een slaapplaats was. Ik was nat van de vele regen. Wat werd ik daar verwend door de nonnen. Mijn kleren werd gedroogd. Ik kreeg eten en ook een slaapplaats. Ook in Troyen overkwam me dit. Ik had kapotte voeten. De nonnen drongen aan een extra dag te blijven om de voeten rust te gunnen en te laten drogen”.

Beeking kreeg in Spanje bij het eindpunt de oorkonde, maar om dit te krijgen moest hij eerst een formulier laten zien met stempels van dorpen en steden langs de bekende route naar Santiago de Compostella. Vaak was het zoeken naar de kerken om een stempel te krijgen. Als eerste staat het stempel van de Loenense parochie op het formulier. Tientallen heeft hij er daarna vergaard. Een kostbaar bezit.
Toen hij na 105 dagen in het pelgrimsoord aankwam, had hij zeker niet het gevoel van: He, he. Ik heb het erop zitten. Beeking: ”Ik had nog best door willen gaan. Zo prettig liep ik alle dagen die route langs de kust. Prachtige natuur. Jammer dat de basiliek in Santiago weer in de steigers stond. Dan gaat veel van de schoonheid verloren. Het pelgrimsoord is nog altijd bijzonder in trek. In 2010, kwamen er maar liefst 200.000 pelgrims. Twee dagen ben ik daar geweest. Ik ontmoette er veel interessante mensen. Natuurlijk ben ik de basiliek in geweest, waar relikwieën van de heilige Jacobus worden bewaard. Ik ben niet gelovig, maar ben daar toch wel even op de knieën gegaan en heb de gebeden gedaan die ik onderweg aan mijn weldoeners had beloofd”.

De kosten viel de pelgrim wel mee. Hij had ongeveer driehonderd euro per week nodig om te eten en te slapen. Beeking: “Onderweg kreeg ik veel. Ik kon overnachten op plekken die speciaal voor de pelgrims zijn ingericht. Het was niet altijd even helder, maar dat moet je onderweg niet zo precies nemen. Geen pietlut zijn. Ik heb me er altijd prima mee gered”.
Beeking wil nog wel even kwijt dat hij erg trots is op zijn thuisfront: “Mijn vrouw An en ook de kinderen gaven me de ruimte om deze tocht te maken. Vier maanden van huis is een lange tijd. Zij wisten dat ik dit graag wilde. Het vergde erg veel voorbereidingen. Ik moest genoeg snipperdagen hebben en moest me goed verdiepen in de route. Eerst wilde ik niet zoveel contact, maar dat werd na korte tijd bijna dagelijks. Ik stuurde vaak foto’s. Dat is tegenwoordig handig met internet”.

foto:
René Beeking bij zijn aankomst in Santiago de Compostella.

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.