Belangengemeenschap De Steeg staak verzet tegen bouw kantoorpand

DE STEEG – De Belangengemeenschap De Steeg en Havikerwaard staakt met onmiddellijke ingang het verzet tegen de voorgenomen bouw van een kantoorpand aan de Hoofdstraat, naast nummer 14 in De Steeg. Verder verzet levert alleen maar vertraging op.

 

De BG acht het niet zinvol en ook onjuist om de beroepsmogelijkheden nu verder door te zetten tegen de afgegeven bouwvergunning. Het enige dat daarmee bereikt kan worden is het traineren van de daadwerkelijke bouw. De BG blijft van mening dat met de bouw van het kantoorpand de unieke stuwwal verder wordt aangetast.

De uitspraak van de Raad van State van 22 december in het beroep tegen het opnemen van de bouwmogelijkheid in het nieuwe bestemmingsplan Landelijk gebied, gaf de doorslag om het verzet op te geven, zo laat de Belangengemeenschap weten. Al eerder had de BG vernomen dat de Bezwarencommissie van de gemeente Rheden het bezwaar tegen de bouwvergunning fase 1 ongegrond had verklaard. Verder had de rechtbank in Arnhem het verzoek om schorsing van de bouwvergunning fase 2 niet gehonoreerd.

Met name de opmerkelijke overweging van de Raad van State, vooruitlopend op de finale afhandeling en beslissing over het lopende bezwaar tegen de bouwvergunning, dat de raad het niet redelijk achtte om alle bestaande bouwmogelijkheden direct weg te bestemmen, zoals in eerste instantie ook het college van B & W in het concept bestemmingsplan Landelijk gebied had voorgesteld, is een belangrijk gegeven, zo meent de Belangengemeenschap. Al zou de BG uiteindelijk gelijk hebben gekregen in haar bezwaren tegen de afgegeven vergunning op grond van het bestemmingsplan uit 1954, zou een nieuwe aanvraag voor een bouwvergunning en de daadwerkelijke bouw, op grond van het nieuwe bestemmingsplan Landelijk gebied, dan toch doorgang hebben kunnen vinden.

De bezwaren van de BG waren steeds gericht tegen de handelwijze van de gemeente Rheden en de fouten die de gemeente heeft gemaakt door in de verschillende procedures de gemeenteraad voor voldongen feiten te plaatsen. Met name het college van B & W heeft naar de mening van de BG nagelaten de unieke stuwwal, in strijd met het eigen beleid, te beschermen. Nu deze handelwijze en fouten kennelijk geen doorslaggevende argumenten vormen voor de Raad van State om de voorgenomen bouw tegen te houden, maar de belangen en rechten van de initiatiefnemer voorop zijn gesteld, is de BG van mening dat zij deze uitspraak heeft te respecteren en geen achterhoedegevechten dient te voeren die alleen de initiatiefnemer zouden schaden.